Export en I&R controle

0
270
NVWA

De laatste tijd is gebleken dat er nogal wat problemen optreden bij export van paarden en pony’s met betrekking tot de I&R controle. De werkinstructie van de NVWA is duidelijk, maar veel mensen in het veld zijn niet goed geïnformeerd over de nieuwe werkwijze of ‘denken dat het niet zo’n vaart loopt’. Hierdoor ontstaan grote problemen, omdat de exportcertificering op dat moment niet kan doorgaan. Wanneer de I&R van een paard of pony niet in orde is, kan dat namelijk niet ter plaatse of snel opgelost worden.

De regels gelden niet alleen voor professionele paardenbedrijven, maar ook voor de hobbyist met maar één paard of pony.

De belangrijkste regels vanuit de werkinstructie zetten we daarom nogmaals op een rij:

De OD (officiële dierenarts) controleert het volgende:

  • dat het dier afkomstig is van een geregistreerde of erkende inrichting (NB: het vertrekadres moet daarom een UBN hebben).
  • op verzoek verstrekt de aanvrager het (de) UBN(‘s) van de inrichting(en) waar de paardachtigen gedurende de 30 dagen voor de voorgenomen verplaatsing hebben verbleven voor een controle in de I&R database.
  • bij in Nederland geïmporteerde dieren, die nog niet in de I&R database staan, moet het Traces certificaat of het gemeenschappelijk gezondheidsdocument van binnenkomst (GGB) overlegd worden.
  • dat het chipnummer van het paard overeenkomt met het nummer in het identificatiedocument.
  • dat, indien er geen chipnummer aanwezig is, of dit gezien datum paspoortuitgifte en leeftijd dier wel toegestaan is (paardachtigen in de Europese Unie die na 1 juli 2009 geboren zijn, moeten een chip hebben. Heeft de paardachtige vòòr 1 juli 2009 een paspoort gekregen, maar geen chip? Dan moet het een paspoort hebben met een ingevulde beschrijvende en ingetekende schets in het paspoort. Een chip is dan niet verplicht. Dit komt vaak voor bij buitenlandse paarden. Missen de chip en beide schetsen? Dan moet het paard alsnog een chip krijgen en mag het niet naar de slacht voor menselijke consumptie)
  • dat het identificatiedocument hoort bij het betreffende paard en dat dus de beschreven aftekeningen, haarkleur, geslacht, schets en/of foto’s in overeenstemming zijn (NB: vanuit Nederland kan een veulen tot 9 maand zonder identificatiedocument aan de voet van de moeder mee)
  • de verstrekte houdersverklaring op volledigheid, ondertekening door de houder en of deze verklaring correspondeert met het (de) betreffende dier(en).
  • dat de juiste, en met het identificatiedocument corresponderende, medicijnverklaring aanwezig isof de dieren geënt zijn tegen paardenpest. Binnen de EU is enting verboden, maar bij paarden uit derde landen of die buiten de EU hebben verbleven, kan dit wel voorkomen.

We vragen hier nogmaals aandacht, om ervoor te zorgen dat paarden en pony’s zonder problemen geïdentificeerd kunnen worden op het exportcertificeringsmoment van NVWA. En we als paardenexporteurs/expediteurs de dieren met zorg en zo min mogelijk tijdsverlies op de eindbestemming kunnen brengen.

Bron: Persbericht